Carine Boonen, Coördinator van Flanders’ Care,

Wat maakt de zorgverlening in Vlaanderen zo goed?

“De zorgsector doet het al verschillende decennia heel goed. Op vlak van kwaliteit behoren we tot de wereldtop. Onze sterkte is ook dat we in Vlaanderen heel toegankelijk zijn, zowel financieel als geografisch. Elke dag streven wij ernaar om de kwaliteit van de zorg te garanderen en te verbeteren in onze veranderende samenleving. In Vlaanderen zijn we bovendien koploper op gebied van onderzoek naar innovatieve technologieën. In verschillende strategische onderzoekscentra gebeurt er baanbrekend onderzoek dat wordt vertaald in innovaties en toepassingen die wereldwijd op de markt worden geïntroduceerd. We werken met een grote groep gemotiveerde en gekwalificeerde personeelsleden, die dag in dag uit het beste van zichzelf geven om een kwaliteitsvolle zorgverlening te blijven garanderen.”

Waarin onderscheiden we ons ten opzichte van andere landen?

“Vlaanderen staat niet alleen aan de medische top. We worden dagelijks geconfronteerd met heel wat nieuwe innovaties die ook hun weg vinden naar de zorgsector: de doorbraak van het ‘internet of things’, de mogelijkheden van robotica en 3D-printing, de explosie van slimme materialen, en ga zo maar door. Vandaag kunnen we in België koploper zijn met één van deze nieuwe technologieën, maar morgen zijn we dat misschien al niet meer. Dat is eigen aan deze snel evoluerende sector; we worden voortdurend uitgedaagd om innovatief te blijven. In Vlaanderen zijn we heel sterk in maatwerk: elke patiënt wordt volgens zijn eigen noden en behoeften behandeld, gesteund en gevolgd. De levenskwaliteit is hierbij het ijkpunt. ”

Is de toenemende zorgvraag door de vergrijzing een opportuniteit of een moeilijkheid?

“Wij spreken in onze sector graag over het ‘geschenk van de vergrijzing’:  mensen worden niet alleen ouder, maar blijven ook langer gezond dankzij preventieve zorgverlening. Dankzij nieuwe ontwikkelingen kunnen patiënten ook beter geholpen worden. Een goed georganiseerde thuiszorg maakt het bovendien mogelijk om mensen langer in hun vertrouwde omgeving te laten wonen. Digitale technologieën ondersteunen de zorg en bieden heel wat mogelijkheden om steeds meer mensen van kwaliteitsvolle zorgverlening te voorzien, ook vanop afstand. Op langere termijn zullen we zelfs in staat zijn om preventief en zeer precies zorgadvies te verlenen en in te grijpen op basis van ieders genetische situatie en omgevingsfactoren, waardoor mensen langer gezond kunnen blijven. Vlaanderen staat hierbij voorop omdat onze onderzoekscentra hier zeer sterk op focussen.”

Is het wettelijk kader soms te beperkt om meer te kunnen bereiken?

“Soms loopt men tegen een wettelijke beperking aan bij de lancering van een nieuwe toepassing of van een nieuwe manier van werken. De Vlaamse overheid wil daarom een reguliere experimentwetgeving ontwikkelen ter ondersteuning van innovatie op het terrein. Dit betekent dat de overheid onder strikte voorwaarden ermee kan instemmen om het wettelijk kader tijdelijk aan te passen zodat proefprojecten er niet door belemmerd worden. Deze zogenaamde ‘regelluwte’ is echter streng bewaakt en men zal er steeds op toezien dat noch de zorgverlening, noch de patiënt hieronder lijdt.”

Wat zijn de uitdagingen die de sector nog ondervindt?

“Eén van de belangrijkste struikelblokken  waar we mee geconfronteerd worden is het gebrek aan een aangepast financieringsmodel bij het introduceren van innovatie in het kader van online hulpverlening en telegeneeskunde. Digitalisering betekent dan misschien wel een vereenvoudiging van het werk, maar er staat vandaag nog geen gepaste financiële compensatie tegenover. Een arts kan bijvoorbeeld geen consultatie aanrekenen wanneer onderzoeksuitslagen digitaal worden opgevolgd en medegedeeld aan de patiënt. Het gebrek aan een aangepast financieringsmodel zorgt er ook voor dat niet iedereen bereid is om het roer volledig om te gooien en zich aan te passen aan een nieuwe manier van werken.

Een bijkomende uitdaging is het permanent opleiden en bijscholen van zorgverleners om met die nieuwe innovaties aan de slag te gaan. Maar ook de patiënt raakt verdwaald in een overvloed aan informatie. Zo zijn er vandaag de dag oneindig veel mobiele applicaties beschikbaar waarvan er slechts een aantal gevalideerd zijn. De eindgebruiker heeft het recht dat te weten. Er is zodanig veel innovatie voorhanden om mensen langer gezond te houden of te behandelen, maar in realiteit merken we dat die nieuwe technologieën nog lang niet toegankelijk zijn voor alle generaties.

Technologie en innovatie bieden heel wat mogelijkheden om het werk te verlichten en de kwaliteit van de zorgverlening te verbeteren.  Dit neemt niet weg dat de zorgsector altijd een arbeidsintensieve sector zal blijven waarin de menselijke component ten alle tijden een cruciale rol zal spelen.”