Golven van verandering overspoelen onze samenleving. Digitalisering, klimaatverandering, vergrijzing: de uitdagingen zijn groter dan ooit. “We zitten op een scharniermoment”, zegt Bruno Tindemans. “De hokjes zoals we die vroeger kenden in de economie, sneuvelen aan een hoog tempo. Is een Uberchauffeur een zelfstandige of een werknemer? Kiest een student voor een vakantiejob of voor een eigen bedrijfje? Alle grenzen zijn aan het vervagen. Na elke grote economische revolutie is ons onderwijssysteem volledig gewijzigd. Dat zit er nu ook aan te komen.”

 

Alle ogen zijn tegenwoordig gericht op ‘levenslang leren’, ook u pleit daarvoor.
 

“Ja. Iedereen zal moeten bijleren om met al die snelle veranderingen om te kunnen gaan. Overheid, onderwijs, ondernemers, maakt niet uit. In een wereld van verandering moet een onderneming sneller kunnen leren dan haar concurrenten. Het is dus erg belangrijk om een leercultuur in je bedrijf te installeren, die vervolgens blijft doorlopen. Ik vind dat we nu nog te veel de nadruk leggen op het initiële diploma. Alsof je je emmertje met kennis vult tot je 22 jaar bent, en dan stopt het. Dat is niet meer van deze tijd. Werken wordt leren en leren wordt werken, zoveel is duidelijk. Daarom pleit ik voor ‘cocreatie’ tussen ondernemingen en het onderwijs.”

 

Wat bedoelt u daar precies mee?
 

“Om mee te blijven, moeten scholen en bedrijven de handen in elkaar slaan. Het leersysteem van de 21ste eeuw zal wellicht duaal zijn. Bij duaal leren verwerven jongeren tegelijk vaardigheden op school én op de werkplek. Het is een stimulerend parcours om een krak te worden in het beroep van hun dromen. Maar het principe spitst zich niet enkel toe op jongeren, hoor. Alle werkende mensen hebben er baat bij, van bediende tot ondernemer.”

 

Duaal leren is dus ook van toepassing op een vijftigplusser die besluit om zelfstandige te worden.
 

"Ik vind dat we nu nog te veel de nadruk leggen op het initiële diploma. Alsof je je emmertje met kennis vult tot je 22 jaar bent, en dan stopt het."

“Zeker, en weet je wat een interessante vaststelling is? Normaal gezien belanden vijftigplussers sneller in de probleemzone op de arbeidsmarkt, omdat hun competenties niet altijd meer up-to-date zijn. Maar dat probleem stelt zich niet in landen waar duale leersystemen sterk zijn ingeburgerd. Dat komt omdat de mensen er van meet af aan ‘leren leren’ op de werkvloer. Ze hebben een soort intrinsieke motivatie om zich altijd bij te scholen. Daardoor blijven hun competenties op niveau, ook als ze de vijftig gepasseerd zijn. Twintiger of vijftigplusser, bijscholing houdt je altijd scherp.”

 

Over welke landen heeft u het dan?
 

“Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk zijn dé grote duale landen in Europa. Vooral Duitsland heeft een goede reputatie op dat vlak, door zijn rijke industriële verleden. De Duitsers hebben al lang een systeem ontwikkeld om grote talenten vanuit het onderwijs naar de (auto)industrie te trekken. Ook heel wat CEO’s volgen er een traject van duaal leren.”

 

Waarom vindt u het zo belangrijk dat we allemaal levenslang blijven leren?
 

“De slaagkans van een bedrijf is gelinkt aan de leercultuur van dat bedrijf. Hoe sneller een start-up ‘leert’ wat de klant en de markt willen, hoe succesvoller het zal zijn. Vroeger stelde men een uitgebreid businessplan op en rolde men dat uit. Vandaag is dat plan al achterhaald nog voor het helemaal op papier staat (lacht). Experimenteren en bijleren, dat zijn de nieuwe technieken om mee te draaien met de snelle omwentelingen.”

 

Bij banken heeft de automatisering bijvoorbeeld sterk toegeslagen.
 

“Ja, en daarin zouden de banken toch beter wat proactiever zijn. Tanden poetsen in plaats van ze te trekken. Bedrijven moeten een beleid ontwikkelen dat hun mensen multi-inzetbaar maakt, ook wanneer hun taken door een algoritme worden overgenomen. Gelukkig zijn ze daar steeds vaker mee bezig. We zien nu al dat ondernemingen hun werknemers zeggen: ‘Je mag van ons een opleiding volgen, en hoe breder inzetbaar je wordt, hoe meer wij jou financieel ondersteunen.’ Die modellen beginnen nu te ontluiken.”

 

Welke sectoren hebben het meest baat bij levenslang leren?
 

"Geen enkele sector kan zich nog verstoppen voor de digitalisering, zelfs het onderwijs niet."

“Alle sectoren! Om de simpele reden dat de technologische revolutie ook toeslaat in alle branches. Misschien niet overal aan dezelfde snelheid, maar geen enkele sector kan zich nog verstoppen voor de digitalisering. Zelfs het onderwijs niet. Wie weet geven we binnenkort geen cent meer voor een diploma in Leuven of Gent, en behalen we liever online een master aan een buitenlandse universiteit?”

 

Levenslang leren is wel tijdrovend. Hardwerkende zelfstandigen met drie kinderen zullen u graag horen komen.
 

“Die opmerking is terecht: levenslang leren ís een hele uitdaging. Maar ik hoop wel op een shift in onze opvatting daarover. Levenslang leren moet tijdens de werkuren gebeuren, het is niet de bedoeling dat je ’s avonds of in het weekend in de cursussen duikt. Trouwens, leren doe je ook informeel, van collega’s bijvoorbeeld. Het beperkt zich niet alleen tot een cursus in een klaslokaal.”

 

Is het een teken van deze tijd dat de focus steeds meer op praktijkgericht leren komt te liggen?
 

“Dat denk ik wel. Vroeger was ‘uit het hoofd blokken’ de heilige graal op school. Nu we alles op de smartphone kunnen opzoeken, is dat toch wat voorbijgestreefd. Veel jongeren snakken echt naar een systeem van duaal leren. Het vormt een hoopgevend alternatief voor het reproduceren in de schoolbanken. Uit studies blijkt dat leerlingen die een duaal traject volgen het gelukkigst zijn, omdat ze een echte bijdrage kunnen leveren en daar veel eigenwaarde uit halen. Een paar generaties geleden was de schooltijd nog volledig afgesloten van het beroepsleven, nu evolueren we stilletjes naar een duaal systeem. Ter illustratie: de Vlaamse regering heeft onlangs een ontwerpdecreet duaal leren goedgekeurd.”

 

Kunt u tot slot een blik op de toekomst werpen? Hoe zullen we over twintig jaar leren?
 

“Het is te vroeg om daar een voorspelling over te doen. We zitten zoals gezegd op een scharniermoment - de mist is nog niet opgeklaard. De ene studie beweert dat de automatisering enorm veel werkloosheid zal creëren, de andere studie zegt dat het zo’n vaart niet loopt. Hoe dan ook zal het onderwijs zich moeten aanpassen aan de digitale maatschappij. Een klas met 25 leerlingen die je dezelfde pakketjes leerstof aanbiedt: dat stamt nog uit de industriële tijd. Of je goed bent in Franse werkwoorden of in goniometrie, daar wordt niet naar gekeken. Het rendement ligt daardoor te laag voor individuele leerlingen. We moeten overstappen op gepersonaliseerde trajecten, en de digitalisering maakt dat voor het eerst echt mogelijk.”