Hoe kunnen Belgische KMO’s groeien dankzij fusies en overnames?

Soms maken de marktomstandigheden het noodzakelijk om te zoeken naar schaalvoordelen. In andere gevallen worden KMO’s geconfronteerd met de beperkingen eigen aan de familiale structuur. In het eerste geval zijn de groeimogelijkheden duidelijk. Maar ook bij familiale structuren kan een fusie of overname tot groei leiden. Het zorgt er vaak voor dat KMO’s niet alleen vers kapitaal aantrekken, maar ook dat ze een sterk management binnenhalen dat de bedrijfsvoering van de KMO versterkt. En een sterkere bedrijfsvoering leidt vrijwel zeker tot betere resultaten en groei.

Wat met het personeel van een overgenomen bedrijf?

Op korte termijn betekent een overname of fusie vaak ook een personeelsvermindering. Maar als het bedrijf door de lagere kostenbasis betere overlevingskansen heeft, dan zullen zij later opnieuw kunnen groeien en dus jobs creëren. Als er geen afvloeiingen zijn bij een fusie of overname, is dat veelal een teken dat er ofwel complementariteit is met de andere onderneming, ofwel dat er extra kansen zoals een nieuwe afzetmarkt worden gezien.

Het is in ieder geval belangrijk dat er een goed sociaal plan wordt onderhandeld waarbij eerst naar alternatieven wordt gekeken. Dit moet leiden tot maximale werkzekerheid voor de blijvers. Dat is ook belangrijk voor het bedrijf zelf, want op een cruciaal moment als een fusie of overname is het beter dat je niet vanaf een wit blad moet beginnen. Ervaren werknemers zijn op zo’n moment meer dan ooit een troef.

Welke kansen en risico’s zijn verbonden aan overnames door buitenlandse bedrijven?

Vele Vlaamse ondernemers kunnen niet rekenen op familiale opvolging en door de vergrijzing zijn er te weinig binnenlandse kandidaat-overnemers. Het belangrijkste voordeel is dat de werkgelegenheid hierdoor op korte termijn kan verzekerd blijven, maar het nadeel is dat het beslissingscentrum naar het buitenland verdwijnt, wat op lange termijn negatieve economische gevolgen kan hebben.

Het is dus belangrijk dat we hier oog voor hebben en dat we bedrijven aanmoedigen om in ons land aanwezig te blijven, ook wanneer het beslissingscentrum naar het buitenland verhuist. Net daarom werkt deze federale regering zo hard aan een versterking van de competitiviteit.